Mediagrafie
Toon mij uw boekenkast en ik zeg u wie u bent. In de
onderstaande mediagrafie zijn de werken terug te vinden die aan de
wieg van Perk hebben gestaan. Hoewel verre van afgerond vormt deze
opsomming iets wat men een doopceel zou kunnen noemen. Hoe divers de
werken ook zijn, wij hebben het idee dat ze een geheime of
geheimzinnige geschiedenis van Perks achterland vormen.
Vooralsnog is deze lijst vooral een eerbetoon aan
diegenen die ons geïnspireerd hebben en een terechtwijzing aan
iedereen die denkt dat literatuur in een vacüum ontstaat.
Tekst: Fictie
- J.L. Borges. De Aleph
- Een kamer vol boeken en geen woord om te lezen.
- Italo Calvino. Als op een winternacht een reiziger....
- Een boek om drie maal te lezen.
- Don De Lillo. (1997). Underworld.
- Een beschrijving van de kleine geschiedenissen die misschien wel
belangrijker zijn dan de grote geschiedenis. Het eerste hoofdstuk is
virtuoos, het laatste een vergissing.
- Alfred Jarry. Superman.
- Over een race van Parijs naar Moskou tussen een fiets en een
stoomtrein. Eén van de beschreven contrapties in het boek stond
model voor Duchamp's Grote Glas.
- Joyce & co. (Geerten Meijsing e.a.) De "Erwin" cyclus.
- Een drieste poging aansluiting te zoeken bij een verloren Europese
traditie. Indertijd beschouwd als een brutale kop boven het maaiveld.
Erudiet en puberaal, weergaloos ambitieus, ironisch en larmoyant,
mondain en oer-Hollands. Een curiosum dat gekoesterd zou moeten worden
in plaats van genegeerd.
- Franz Kafka. In de strafkolonie.
- Kampbewaker vindt een machine uit die op kunstige wijze de misdaad
in het lichaam van de dader kerft. Eigenlijk een romance tussen mens
en machine. Stond model voor Trent Reznors videoclip Happiness in
Slavery.
- Gerrit Krol. Het gemillimeterde hoofd.
- Fragmentarische roman over liefde en wiskunde.
- Georges Perec. Het leven een handleiding.
- Een boek dat staat als een Perk. Een boek dat met ieder hoofdstuk
opnieuw lijkt te beginnen, maar waar toch een plot in zit. Kamer voor
kamer beschrijft P. een huis. We zien hoe de bewoners deel worden van
de geschiedenis van het huis en het complot van de geheimzinnige
eigenaar.
- Georges Perec. (1991). W of de jeugdherinnering. Amsterdam: Arbeiderspers
- Een autobiografie van een schrijver die wil vergeten. Authentieke
herinneringen worden afgewisseld met verhalen over een eilandrijk waar
sport de beschavingsgrond vormt.
- Thomas Pynchon. Gravity's Rainbow.
- Briljante evocatie van de paranoïde atmosfeer in Londen ten
tijde van de tweede wereldoorlog. Het verhaal waaiert naar alle kanten
uit, maar niemand ontkomt aan de allesvernietigende krachten die rond
hen zijn ontketend. In de centrale metafoor: de regenboog van
zwaartekracht, die duidt op de baan die V1 raketten beschrijven,
wordt duidelijk dat het niet de Duitse vijand, maar moeder aarde is
die de vernietiging bewerkstelligt. Een boek dat tot in de diepste
poriën van de geschiedenis doordringt.
- Raymond Queneau. Honderdduizend miljard gedichten.
- Tien sonnetten waarvan alle veertien regels inwisselbaar zijn. Dit
levert een schier eindeloos gedicht op en de vraag: wat is de rol van
de kunstenaar?
- Raymond Roussel. Locus Solus.
- Een reeks beschrijvingen van bizarre apparaten die eerder de
schoonheid dan het nut dienen. Uiteindelijk blijkt de taal de meest
krachtige machine. Vertel Perk wat!
- D.A.F. de Sade. (1992). De 120 dagen van Sodom of De school der
losbandigheid. Amsterdam: Bert Bakker.
- Een boek waarin alles baadt in een koud, liefdeloos en
niets-ontziend licht. Weerzinwekkend door zijn obsceniteit, maar
indrukwekkend door het genadeloze regime dat de schrijver niet
alleen zijn personages maar ook zichzelf oplegt.
- Will Self. My Idea of Fun.
- Roman over The Fat Controller die in ons allen huist. Een
personage dat zich kan meten met Ouwe Opa en
Verschrikkelijke Baby.
- Peter Verhelst. De kleurenvanger.
- Sprookjesachtige roman die aan het werk van Jeanette Winterson
doet denken. Tragische liefde, een bizarre verzamelaar met kwaad in de
zin en een happy ending.
- William Vollman. The Rainbow Stories.
- Halucinatoire schetsen van de zelfkant van de maatschappij. Doet
denken aan de muziek van Nine Inch Nails en de schilderijen van Jeroen
Bosch.
Tekst: Non-fictie
- Roland Barthes. Het plezier van de tekst.
- Over het lezen van gewone teksten alsof het hyperteksten zijn (of misschien toch niet ?) Over
de erotiek van de tekst en de opwinding van het doorbreken van regels.
- Battus. (1978). De encyclopedie.
- Precies wat de titel belooft. Lemma's zonder weerga.
- Battus. (1990). Opperlandse taal- &
letterkunde. Amsterdam: Querido.
- O-sproken, A-saga's, E-verzen
en epen. Verwant aan Perec en Queneau, maar zonder de Franse slag.
- Jacques Derrida : edited by D. Attridge. (1992). Acts of
Literature. New York: Routledge.
- Essays over Kafka, Joyce,
Blanchot, etc. Vaak verrassend leesbaar en altijd opwindend origineel.
- Mark Dery. (1996). Escape Velocity: Cyberculture at the End of the Century. London: Hodder & Stoughton.
- Opwindende visie op de hedendaagse cultuur. Dery verbindt
cyberpunk, body-art, lijdensfilosofieën en muzikale noise en
raakt slechts hier en daar het spoor bijster.
- George Lakoff & Mark Johnson. (1980). Metaphors we live by. Chicago: University of Chicago Press
- De meest concrete illustratie van wat Perk allang wist:
dat de hele taal uit metaforen bestaat en niet meer dan dat.
- George Landow. (1992). Hypertext: the convergence of
contemporary critical theory and technology. Baltimore, MD: Johns
Hopkins University Press
- Gezaghebbend werk over nieuwe media tekst. Is dat geworden, niet
door grondigheid of objectiviteit, maar door er als eerste te zijn.
Heeft daardoor het vocabulaire mede bepaald waarin de discussie
rond hypertext gevoerd wordt. Perk kan deze strategie waarderen.
- Greil Marcus. Lipstick Traces.
- Marcus plaatst de punkbeweging in zijn historische
context. Interessante schetsen van de Franse situationisten en
impressionistische beschrijvingen van punk concerten. Bewijs dat zelfs
de meest cynische generatie een verleden te verliezen heeft.
- Ray Monk. (1991). Ludwig Wittgenstein: Het heilige moeten. Amsterdam: Prometheus.
- Biografie van Ludwig Wittgenstein. Poogt onder andere aan te tonen
dat Wittgensteins werk, van de Tractatus tot de Filosofische
Onderzoekingen een eenheid is. Zie ook
Het Wenen van Wittgenstein.
- Cyrille Offermans, Nicolaas Matsier, Jacq Vogelaar (red.).
Raster 54: WeMoLi;
- Een Werkplaats voor mogelijke literatuur, ofwel Ouvroir de
littérature potentielle. Zelf geen werkplaats maar een
inleiding op de Oulipo en daarmee op Perk.
- Simon Schama. (1995). Landscape and Memory. London: HarperCollins.
- Een studie naar het woud, het water en de lucht als
metafoor voor een cultuur. Vooral de delen over Duitsland zijn
indrukwekkend. Persoonlijker dan eerdere boeken van Schama.
- John Shearman. (1991). Het maniërisme Nijmegen: SUN.
- Verrassende herwaardering van het maniërisme als een vitale,
ironische periode waarin nonchalante virtuositeit het ultieme doel
was en de humor nog niet uit de kunst verbannen was. Een wondere
wereld van maniera, intermezzi, vuurwerk, waterspektakels,
adembenemende muziek, bizarre literatuur, kunstmatige
druipsteengrotten en natte bipsen.
- Stephen Toulmin & Alan Janik. (1976). Het Wenen van Wittgenstein. Meppel: Boom.
- Briljante studie naar het Wenen van het fin de
siècle. Trekt parallellen tussen het werk van kunstenaars als
Klimt, Kokoshka, Schönberg, Musil en Kraus en filosofen en
wetenschappers als Wittgenstein, Kierkegaard en Frege.
- Frances A. Yates. (1990). De geheugenkunst. Amsterdam: Bert Bakker.
- Perk kan niet anders dan opmerken hoeveel overeenkomsten er bestaan
tussen de aloude Geheugenkunst en bepaalde toepassingen van de nieuwe
media.
- Ludwig Wittgenstein. (1989). Tractatus Logico Philosophicus. Amsterdam: Atheneaum.
- Gedeeltelijk geschreven tijdens W's krijgsgevangenschap in
Italië. Een manhaftige poging niet het zwijgen, maar het spreken
te doorbreken.
- Ludwig Wittgenstein. (1992). Filosofische onderzoekingen. Meppel: Boom.
- Experimentele filosofie pur sang. Een grootse poging het weten van
de mens vooruit te helpen door de verwarring te bevorderen. Wordt vaak
gezien als een breuk met Wittgensteins eerdere werk. De laatste
decennia echter wordt de eenheid in diens werk steeds meer benadrukt.
- Ludwig Wittgenstein. Lectures on Aesthetics and Ethics.
- Colleges die de in de Tractatus geponeerde stelling Ethiek en
esthetiek zijn één verder uitwerken. Een poging te
verhelderen dat esthetische en ethische oordelen vaak de vorm van
bewijsvoering aannemen, maar het eigenlijk niet zijn.
- Benjamin Woolley. (1992). Virtual Worlds: a journey in hype
and hyperreality. Oxford: Blackwell.
- Vlotte en inspirerende inleiding in "toegepast" postmodernisme.
Valt op door het onverhulde plezier dat de auteur stelt in het
onderwerp, en is daarmee een waardig antidotum tegen de zware,
vermoeide analyses die het postmodernisme zo dreigen te
monopoliseren. Doet qua toon en methode denken aan Escape Velocity.
Andere media
- David Cronenberg. (1996). Crash
- Kille, verontrustende film naar een roman van J.G. Ballard. Vijf
personages opgesloten in hun seksuele obsessie voor auto-ongelukken en
elkaar. Groot, leeg, gestructureerd en onheilspellend als een
parkeergarage. Raakt door zijn vorm en inhoud aan de essentie van porno.
Zie ook De 120 dagen van Sodom.
- Peter Greenaway. (1980). The Falls.
- Ondanks misplaatste doch aanhoudende pogingen tot humor een geslaagde
poging tot het creëren van een niet-lineaire film. In 92 korte
portretten wordt de wereld van na the Violent Unknown Event
opgeroepen, waarin vogels, water en 92 privé-talen een grote
rol spelen.
- Simeon ten Holt. Canto Ostinato.
- De pianowerken van Simeon ten Holt zijn marathons van zich steeds
herhalende patronen waarin de pianist geen maat rust gegund wordt.
De uitvoerders mogen zelf uitmaken wat ze hoe en hoe lang ze wat
spelen, hetgeen tot een verwoede competitie heeft geleid. Ten Holt
bepaalde de beperkingen, de uitvoerders vechten ertegen.
- Nine Inch Nails. (1995). Further down the spiral.
- Even simpel
als ingenieus: maak een studio album, en laat het integraal door
anderen remixen. Was Down the spiral een indrukwekkend werk op
zichzelf, de deconstructie ervan is inmiddels een onmisbaar
commentaar erop geworden. Het is onmogelijk een nummer van het
origineel te horen zonder aan zijn tegenhanger te denken. De remix
wordt het origineel, het origineel een vooraf gepleegd plagiaat.